Publications

BOEKEN

  • Getuigenissen van de Soldaten René De Vuyst, Maurice De Schoenmaeker en Van Hoof. Ook schrijver Johan Daisne verbleef nabij Limoux. Hij was officier bij 6LA en bevond zich te Pomas waar hij met de rest van de Staf/6LA verbleef op het kasteel. Johan Daisne is een pseudoniem voor Herman Thiery die zijn officiersopleiding kreeg in Fort 3 bij het 2LA. De vele treinreizen die de manschappen van onder meer 32A door Frankrijk hebben afgelegd zou de inspiratie geweest zijn voor zijn novelle “De trein der traagheid”. 
  • van Belle Juliaan, 1992, 1940: Die lange hete zomer – Delen I, II, III, IV en V, Zedelgem, uitgeverij Nostra Flandria. De schrijver, geschiedkundige en Bruggeling, maakte deel uit van de II/32A en heeft enkele getuigenissen van lotgenoten gebundeld in zijn werken.
  • Jamart, J. (1994) L’armée belge de France en 1940, Bastenaken: Schmitz.

le non dit

Oorlogssintels die ik uit het vuur heb gehaald en nu ter publicatie aanbied aan uitgeverij Manteau.

Rita De Vuyst

Gent, 10 mei 2026

Geachte mevrouw Manteau,

Betreft de interesse die u toonde voor de manuscripten die ik gevonden heb en een mogelijke sleutel kunnen betekenen voor de code van het boek van Daisne: De Trein der traagheid.

Naar aanleiding van de Heldenweek laatsleden, van 2 tot 8 mei 2026, had ik inderdaad een tentoonstelling bijeen gebracht met schilderijen, boeken, herinneringen aan mijn vader, die ten slotte ook bij het verzet geweest is, evenals Johan Daisne.

Ik had ook enkele manuscripten tentoongesteld uit het archief van mijn vader, René De Vuyst. Verder kon ik nog 2 onuitgegeven werken tonen van Johan Daisne, Recruut en Khaki, gekregen van het Letterenhuis in Antwerpen. Ik heb ook onderzoek gedaan bij het ministerie van Defensie en documenten kunnen scannen van Daisne, met echte naam Herman Thiery.

Samen met nog specifiek onderzoek van mijn vader in verband met de vlucht naar het Zuiden in mei 1940, is dit van onnoembare waarde.

Het is mij zeer aangenaam dat u het berichtje uit de krant hebt opgepikt en nu de ontknoping van het verhaal achter de Trein der traagheid in uw publicaties wil opnemen.

Aangezien u over een schrijver beschikt die het relaas in een romanvorm zal gieten en ook een verfilming van deze zoektocht naar de graal al in uw planning is opgenomen, zal ik mij eerder beperken tot een schematisch overzicht van de gebeurtenissen en verschillende stappen van onderzoek.

Een speciale methode heb ik hierbij niet gevolgd, ik steun volledig op mijn intuïtie en ingevingen, de punten die mijn aandacht opeisen, de mensen die ik tegenkom, vrije associaties van gedachten en vooral ook de coïncidenties, die ik als leidraad voor mijn levenswandel zeer ernstig neem.

Zo was het juist vandaag 10 mei 2026, dat ik een belangrijke vondst op het internet heb gedaan, waarbij de naam René De Vuyst vernoemd werd als 1 van de duizenden soldaten, en toevallig mijn vader is.

Toevallig heb ik juist zijn archief gevonden bij de aankoop van mijn ouderlijk huis, verscheidene jaren na zijn dood. En toevallig heb ik in 2010 aan Johan Daisne gedacht en bij Oxfam het boek gekocht: Lago Maggiore.

Daarna is een meer systematisch onderzoek begonnen.

Ik put ook uit mijn herinneringen, want lang geleden had ik de verfilming van De trein der traagheid gezien in Studioscoop te Gent, van regisseur André Delvaux.

André Delvaux was natuurlijk de eerste om de novelle te verfilmen in 1968, hij koos bekende auteurs Yves Montand (Mathias) en Anouk Aimée (Anne).

De film ‘Un soir, un train’, is nu te zien op YouTube.

De film contrasteert zeer sterk met mijn onderzoek. Natuurlijk als je niet weet dat de TREIN in Frankrijk spoorde bij het begin van W.O.II, maar hem laat rijden tijdens een optocht van ‘Leuven Vlaams’, als je oesters bestelt en een jazz orkestje laat horen, ja dan liggen onze interpretaties mijlenver uiteen.

Het seizoen van de lente was helemaal niet moeilijk uit de novelle op te diepen, integendeel, bij Delvaux krijgen we sneeuw voorgeschoteld in de novembermaand.

Natuurlijk zonder de documenten die ik in mijn bezit heb, is het ook onmogelijk een realiteitsbeeld van de TREIN toe te lichten.

Het is alleen jammer dat het boekje in de vergetelheid geraakte en de film een succes kende, aangezien iedereen dacht de ontknoping in de film te vinden, welke men niet kon vinden door de lezing van het boek.

Op school wisten ze alles goed toe te dekken met de term: magisch-realisme, droombeelden…die dus niet volledig te begrijpen zijn.

Daisne schreef er een gedicht over:

Het regent krantenknipsels op mijn novemberhuis

Nu we met zekerheid weten dat de reservisten van het ‘debacle van de Midi’, model hebben gestaan voor ‘De Trein der traagheid’, is het passend onze aandacht nu ten volle te richten naar ‘Les boches du Nord’, zoals ze door de Fransen genoemd werden.

Van de 2.000 die vertrokken zijn uit Beernem, zijn er een paar honderd teruggekomen, waarvan René De Vuyst er een klein honderdtal heeft teruggevonden, samen met de heer Jos Van Loon en Juliaan Van Belle die aan dat project met al hun krachten hebben meegewerkt.

Het gebon allemaal met een kleine annonce in het Nieuwsblad:

Het is passend om dit fiasco van de Belgische regering in zijn politieke context re zien. De mobilisatie begon al in 1938, maar op 10 mei 1940 blijkt het dat er niet voldoende was voorbereid en alles ter plekke moest georganiseerd worden. Men dacht eerst naar Parijs uit te wijken, dat was niet haalbaar aangezien de zeer vlugge oprukking van de Duitsers; op 10 mei 1940 staken ze al de Maas over, vervolgens werd gedacht aan Carcassonne. Bij de overbrenging van de keukens, ze waren toch met een 2000 soldaten, was geen enkele frigo voorzien, met gevolg dat velen direct ziek werden aan dysenterie, veroorzaakt door de shigella-bacterie, met veel bloedverlies en hevige krampen. Het vlees zag zwart van de vliegen en daar was geen verhelpen aan.

We weten nu ook dat het 32ste regiment was dat de dodelijke treinreis heeft moeten doorstaan:

Volgens het document van Jos Van Loon:

van Beernem naar het Zuiden van Frankrijk: 193 uren

van Carcassonne naar het front in Parijs: 102 uren

van het front terug naar het Zuiden: 215 uren

ze waren praktisch niet gewapend, er was weinig voedsel en drinken, hun kledij werd nier ververst.

Een zeer pakkend verhaal heeft Juliaan Van Belle daarover gepubliceerd in 1990, in 5 delen. Hij was toen 19 jaar. Zowel met Van Belle als met Van Loon heeft René De Vuyst gecorrespondeerd. Zo hebben we veelvoudig het bewijs van de lugubere realiteit waarin deze reservisten zich bevonden.

De film ‘Un soir, un train’, is nu te zien op YouTube.

Foto gemaakt in onze tuin waar het interview van Maurice De Schoenmaeker plaats vond, van links naar rechts: Gusta De Vuyst, mijn tante- Germaine Boussaer, mijn moeder- Theo Van Damme- verzetsstrijder en vriend van mijn moeder- Maurice De Schoenmaeker, soldaat van de Midi- vriend van Maurice.

De film contrasteert zeer sterk met mijn onderzoek. Natuurlijk als je niet weet dat de TREIN in Frankrijk spoorde bij het begin van W.O.II, maar hem laat rijden tijdens een optocht van ‘Leuven Vlaams’, als je oesters bestelt en een jazz orkestje laat horen, ja dan liggen onze interpretaties mijlenver uiteen.

Een beeld uit de film De Trein der Traagheid met Rita De Vuyst als juffrouw van het restaurant.

Het seizoen van de lente was helemaal niet moeilijk uit de novelle op te diepen, integendeel, bij Delvaux krijgen we sneeuw voorgeschoteld in de novembermaand.

Weliswaar, zonder de documenten die ik in mijn bezit heb, is het ook onmogelijk een realiteitsbeeld van de TREIN toe te lichten.

Het is alleen jammer dat het boekje in de vergetelheid geraakte en de film een succes kende, aangezien iedereen dacht de ontknoping in de film te vinden, welke men niet kon vinden door de lezing van het boek.

Op school wisten ze alles goed toe te dekken met de term: magisch-realisme, droombeelden…die dus niet volledig te begrijpen zijn.

Over de bedoelingen dat Koning Leopold III een gesprek met Hitler zou aangevraagd hebben is tot op heden nog geen klaarheid.

De schimmen van de Midi werden vergeten en de regering Pierlot vertrok naar Londen op 23 augustus 1940.

Toch hadden ze de vlucht naar het Zuiden aangewend om hun soldaten te volgen. Nu vertrokken ze alleen.

Er werden dubbele spelletjes gespeeld; de Duitsers hadden eerst de repatriëring toegestaan maar vanaf 23 augustus werden de soldaten die zich bij de demarcatielijn bevonden opgepakt en krijgsgevangen genomen.

Aangezien René De Vuyst is thuisgekomen op 25 augustus, is hij hier alwaar aan het ergste ontsnapt.

Intussen wou het parlement dat zetelde in Limoges de strijd verder zetten.

De rekruten verwijten de regering van besluiteloosheid en terecht. Duizenden Belgische soldaten bleven achter zonder soldij. Zeker voor 25.000 gevangenen in concentratiekampen mag de regering Pierlot verantwoordelijk gesteld worden.

160 parlementariërs in Limoges waren gevlucht.

Op 27 juli kregen de officiers 5 BF per dag, de rekruten 1 BF. Vanaf 17 mei zat de Belgische regering in Frankrijk met 1.5 miljard BF aan goud van de Nationale Bank, 2 miljoen van de Bank van Brussel en 1 miljoen van de Generale Bankmaatschappij. Er was dus geld genoeg…

Juli was een maand van bitterheid en onvrede. ’s Avonds op de hooizolder werden er veel liederen gezongen; Vlaamse heimatliederen tot ze schreiend het hoofd onder de dekens verstopten omdat niemand het zou zien en horen dat ze snikten als kinderen. Ze vierden met zang en jolijt het Guldensporenfeest en met sport en spel de Nationale Feestdag. Ze gingen naakt zwemmen in de kristalhelder koele bergriviertjes, ze lonkten naar de mooie meisjes, ze wachtten vruchteloos op een legerkapelaan om hun verdriet uit te storten en op een dokter die sporadisch langskomt.

Ze leefden als een bende zigeuners en gingen op rooftocht om een kip of eend te bemachtigen, op gevaar af een kogel door het lijf te worden gejaagd door een woedende boer.

Ze werden streng door de Franse gendarmerie in de gaten gehouden.

Vichy en Londen spraken elkaar tegen en de meesten hadden ook geen geld om naar Engeland te gaan. Ze werden zieker en zieker, enteritis en dysenterie, dat veel bloedverlies en puisten met zich meebracht.

Sommigen hadden ook sympathieën voor de Nazi’s zoals dokter Torrekens en kapelaan Vergaelen. Torrekens hield op de zieken te bezoeken en vertrok naar België.

Op een dag moedigden de officieren de soldaten aan de gezamenlijk repatriëring niet af te wachten – alle dienstverplichtingen werden afgeschaft. Ze mochten apart vertrekken omdat de bevoorrading niet meer verzekerd was. Luitenant Kervyn moest zelfs 200 km afleggen per autostop om bonen en erwten te halen.

De wijnoogst was mislukt in het Zuiden en de honger stond daar ook voor de deur: een kip was 30 BF, wat overeenkwam met 1 maand soldij.

Wibier de algemene bevelhebber van de Pierlot troepen in Frankrijk, deed zijn beklag en Hoornaert een leraar uit Brugge werd beschuldigd van aanzetten tot revolte, desertie en Vlaamse sympathieën. Hoornaert werd geviseerd omdat hij een Vlaams zangkoor had opgericht dat in de kerk liederen zong: Waar men gaat langs Vlaamse wegen, Onze Lieve Vrouw van Vlaanderen…Hij was vader van 8 kinderen.

De overste van Hoornaert was Tollenaere, hij stierf in het concentratiekamp.

Op 10 juli mochten ze brieven schrijven deze konden meegegeven worden met vluchtelingen vanuit Bordeaux.

Op 15 juli konden de eerste vertrekken, ze moesten zelf het treinkaartje betalen, doch wanneer ze in Carcassonne aankwamen werden ze teruggestuurd. Zo moest Van Belle terug naar Lauraguel.

Niemand geraakte voorbij Toulouse en daar werden terug velen krijgsgevangen genomen.

VOT= TRI= versterkings- en opleidingstroepen

Hoofd van VOT is luitenant-generaal Wibier.

De verantwoordelijke van de VOC was De Bueger.

32AI vertrokken met Belgische machinisten, de Franse machinisten die men had ingeschakeld vonden hun weg niet op het Belgisch netwerk: trein I vertrok met een goederentrein op 15 mei vanuit Beernem en trein II vertrok met een reizigerstrein op 16 mei ook vanuit Beernem. Onze soldaten Van Loon, De Schoemaeker, De Vuyst zaten op de 2de trein.

Wibier ging naar Montpellier. In Narbonne verzamelden de Belgische konvooien, met alle chaos van dien.

Van de 60.000 VOT zouden slechts 30.000 aankomen, Wibier was niet te zien.

De Duitsers hadden intussen een omsingelingsmanoeuvre uitgevoerd aan de Somme, waardoor de treinen veel vertraging opliepen.

Na de capitulatie van België, begon de Franse regering  een 30.000tal soldaten op te eisen van de Pierlot regering van België. Op 4 juni moesten er al 10.000 manschappen geleverd worden, de bestemming werd niet gezegd. Dit zal het avontuur, van de Marne en de Seine worden van 32 AI I en II.

Er was algemene paniek onder de rekruten.

Op het moment dat trein II van de 32 AI in Meaux arriveert, de bestemming was eigenlijk Verdun, het front dus, en dit zonder munitie, week de machinist gelukkig af naar Troyes. Van de 10.000 zouden 3 weken na het vertrek slechts 721 terugkeren waaronder 132 officieren. Dat is 20% in plaats van de oorspronkelijke 2% die vertrokken waren. Daaruit blijkt dat de officieren gespaard werden.

De Fransen waren niet eens over de komst ingelicht.

Op 9 augustus gaf Wibier de toelating om de demobiliseren. De laatste nota bevestigt dat de repatriëring zou beginnen op 21 augustus. René De Vuyst is thuis gekomen op 25 augustus.

Alles klopt niet helemaal aangezien op 18 juli al een autobus uit Eeklo komt om hun mannen naar huis te brengen: deze van Eeklo, Maldegem, Knesselare, Bellem en Ursel.

De achterblijvers werden ongeduldig en besloten een Mars of Limoux om hun vertrek af te dwingen. Deze mars stond onder leiding van Juliaan Van Belle.

Eind juli werd er vergaderd, ze zouden vertrekken naar Limoux op 8 augustus, dit werd uiteindelijk verschoven naar 13 augustus 1940. Al zingend van de Vlaamse Leeuw vertrokken ze tegen zonsondergang naar Tollenaere.

Van Belle vertrok op Franse pantoffels, hij kon geen schoeisels verdragen vanwege de puisten op zijn voeten van de dysenterie.

In Limoux werd gezegd in het Frans, dat een karavaan Cools op weg was om de Bruggelingen naar huis te brengen, deze arriveerde inderdaad op 20 augustus. De Vlamingen hadden geprotesteerd en vroegen om vertaling. Ze geloofden het niet en verstonden het niet. Ze bleven ter plaatse. De gendarmerie beschot te vuren boven de hoofden en Juliaan Van Belle had slagen gekregen, verslechterde, en kwam in een cachot terecht. Vandaar werd hij overgebracht naar het militairhospitaal. Door deze vertraging was hij niet kunnen vertrekken. Waarschijnlijk is René de Vuyst met deze karavaan naar Brugge kunnen meerijden en van daaruit zal het te voet gegaan zijn. Het was een melkboer die hem bij hem thuis op de boerderij afzette met gezwollen voeten en volledig ondervoed. Van Belle is later nog krijgsgevangen genomen en afgevoerd maar Mertz, waar hij bijna bezweken is, in totaal was hij 20 kg vermagerd.

Daisne schreef er een gedicht over:

Het regent krantenknipsels op mijn novemberhuis

En lof ofwel verguis het maakt niet meer dan ritsels

Ik denk aan wat zal blijven

Een bladzij van een boek?

Twee schimmen op een doek?

Ik zou god dankbaar zijn

Van veel onzer bedrijven blijft zelfs geen zweem van schijn

Het is nu sneeuw geworden wat dwarrelt langs mijn ruit

Ik pook het vuur dat dorde en hoor in de Advent

Een kind dat eensklaps fluit:

Een triller nogmaals van de lent?

..

Ook had Daisne blijkbaar een orchidée gekregen voor de gebruik van de titel die hij dan naar eigen gevoel uitwerkte.

Ik heb een orchidée gekregen

….

Aangezien u zelf het boekje eertijds hebt uitgegeven, ik heb voor de auteursrechten van de verfilming het nodige betaald, zie hierbij de rekening.

….

Misschien is het nu passend om dat bedrag plus de index nu terug te vorderen.

Deze brief met al de nodige informatie is natuurlijk een goudmijn voor de publicatie die u ervan kan maken en wellicht de heruitgave van de novelle, De Trein der Traagheid, waarvoor u nog altijd de rechten hebt.

De novelle zelf van Daisne heeft een magisch ingebouwd effect dat zichzelf voortdurend vermenigvuldigt. De simpelste zin uit het boekje zet zich om in een oneindig aantal ideeën die allen met de kern van de zaak betrekking hebben, namelijk:

Ik verhaal verder volgens het boek van Van Belle, Die Lange Hete Zomer om de context van het verhaal niet uit het oog te verliezen:

De Koning mocht na de capitulatie geen politieke daden meer stellen en de Duitsers aanvaardden de regering Pierlot niet. Zij hadden zich eerst gevestigd in Bordeaux. Op een gegeven moment vroeg de Koning een gesprek met Hitler maar deze ging daar niet op in.

Zodoende voegde de Belgische regering in ballingschap bij de Franse regering Vichy. De schimmen van de Midi werden vergeten en de regering Pierlot trok verder naar Londen op 23 augustus 1940.

Toch had ze de vlucht naar het Zuiden aangewend om zelf naar het Zuiden te vertrekken.

Er werden dubbele spelletjes gespeeld; de Duitsers hadden eerst de repatriëring toegestaan maar vanaf 23 augustus werden de soldaten die zich bij de demarcatielijn bevonden opgepakt en krijgsgevangen genomen.

Intussen wou het parlement dat zetelde in Limoges de strijd verder zetten.

De rekruten verwijten de regering van besluiteloosheid en terecht. Duizenden Belgische soldaten bleven achter zonder soldij. Zeker voor 25.000 gevangenen in concentratiekampen mag de regering Pierlot verantwoordelijk gesteld worden.

160 parlementariërs in Limoges waren gevlucht. De familie van de regering zat op een luxe boot bij Bordeaux.

Op 27 juli kregen de officiers 5 BF per dag, de rekruten 1 BF. Vanaf 17 mei zat de Belgische regering in Frankrijk met 1.5 miljard BF aan goud van de Nationale Bank, 2 miljoen van de Bank van Brussel en 1 miljoen van de Generale Bankmaatschappij.

Juli was een maand van bitterheid en onvrede, er werden veel Vlaamse liederen gezongen, ’s avonds op de hooizolder; Vlaamse heimatliederen tot ze schreiend het hoofd onder de dekens verstopten omdat niemand het zou zien en horen dat ze snikten als kinderen. Ze vierden met zang en jolijt op het guldensporenfeest en met sport en spel het nationaal feest. Ze gingen naakt zwemmen in de kristalhelder koele bergriviertjes, ze lonkten naar de mooie meisjes, ze wachtten vruchteloos op een legerkapelaan om hun verdriet uit te storten en op een dokter die enkel sporadisch langskomt.

Ze leefde als een bende zigeuners en gingen op rooftocht om een kip of eend te bemachtigen, op gevaar af een kogel door het lijf te worden gejaagd door een woedende boer.

Ze werden streng door de Franse gendarmerie in de gaten gehouden.

Vichy en Londen spraken elkaar tegen en de meesten hadden ook geen geld om naar Engeland te gaan. Ze werden zieker en zieker, enteritis en dysenterie.

Sommigen kregen ook sympathieën voor de Nazi’s zoals dokter Torrekens, kapelaan Vergalen. Torrekens hield op de zieken te bezoeken.

Op een dag moedigden de officieren de soldaten aan de gezamenlijk repatriëring niet af te wachten – alle dienstverplichtingen werden afgeschaft. Ze mochten apart vertrekken omdat de bevoorrading niet meer verzekerd was. Luitenant Kervyn moest zelf 200 km afleggen per autostop om bonen en erwten te halen.

De wijnoogst was mislukt in het Zuiden en de honger stond daar ook voor de deur: een kip was 30 BF.

Wibier de algemene bevelhebber van de Pierlot troepen in Frankrijk, deed zijn beklag en Hoornaert een leraar uit Brugge werd beschuldigd van aanzetten tot revolte, desertie en Vlaamse sympathieën, omdat hij een Vlaams zangkoor had opgericht dat in de kerk mocht zingen: Waar men gaat langs Vlaamse wegen, Onze Lieve Vrouw van Vlaanderen…Hij was vader van 8 kinderen.

De overste van Hoornaert was Tollenaere, hij stierf in het concentratiekamp.

Op 10 juli mochten ze brieven schrijven deze konden mee met vluchtelingen vanuit Bordeaux.

Op 15 juli konden de eerste vertrekken, ze moesten zelf het treinkaartje betalen, doch wanneer ze in Carcassonne aankwamen werden ze teruggestuurd. Zo moest Van Belle terug naar Lauraguel.

Niemand geraakte voorbij Toulouse en daar werden terug velen gevangen genomen.

VOT= TRI= versterkings- en opleidingstroepen

Hoofd van VOT is luitenant-generaal Wibier.

10% van het Belgisch leger: 60.000 manschappen en 30.000 officiers stond op 10.5.1940 klaar om te vertrekken naar Parijs, later werd dit bijgestuurd naar Carcassonne, zonder vervoerplan.

De verantwoordelijke van de VOC was De Buegher.

Er werd beroep gedaan op Franse machinisten, maar deze vonden hun weg niet in het Belgische netwerk.

32AI gingen met Belgische machinisten: trein I vertrok met een goederentrein op 15 mei vanuit Beernem en trein II vertrok met een reizigerstrein op 16 mei ook vanuit Beernem. Onze soldaten Van Loon, De Schoemaeker, De Vuyst zaten op de 2de trein.

Wibier ging naar Montpellier. In Narbonne verzamelde de Belgische konvooien, met alle chaos van dien.

Van de 60.000 VOT zouden slechts 30.000 aankomen, Wibier was niet te zien.

De Duitsers hadden intussen een omsingelingsmanoeuvre gerealiseerd aan de Somme, waardoor de treinen veel vertraging hadden.

Na de capitulatie van België, begon de Vichy regering van Frankrijk een 30.000 soldaten op te eisen van de Pierlot regering van België. Op 4 juni moesten er al 10.000 manschappen geleverd worden, de bestemming werd niet gezegd. Dit zal het avontuur, van de Marne en de Seine worden van 32 AI I en II.

Er was algemene paniek onder de rekruten.

Op het moment dat trein II van de 32 AI in Meaux arriveert, de bestemming was eigenlijk Verdun, het front dus en dit zonder munitie, week de machinist gelukkig af naar Troyes. Van de 30.000 zouden 3 weken na het vertrek slechts 721 terugkeren waaronder 132 officieren. Dat is 20% in plaats van de oorspronkelijke 2%.

De Fransen waren niet eens over de komst ingelicht.

Op 9 augustus gaf Wibier de toelating om de demobiliseren. De laatste nota bevestigt dat de repatriëring zou beginnen op 21 augustus. René De Vuyst is thuis gekomen op 25 augustus.

Alles klopt niet helemaal aangezien op 18 juli al een autobus uit Eeklo komt om hun mannen naar huis te brengen: deze van Eeklo, Maldegem, Knesselare, Bellem en Ursel.

De achterblijvers werden ongeduldig en besloten een Mars of Limoux om hun vertrek af te dwingen. Deze mars stond onder leiding van Juliaan Van Belle.

Aangezien de vlucht en terugkeer van de soldaten van het 32ste  artillerie regiment zo duidelijk en volledig vandaag op mijn scherm komt, 10 mei 1926, wil ik u direct alle details meedelen.  Voor de publicatie die u voor ogen heeft, is de reconstructie van het avontuur Midi,  van uitzonderlijk belang zijn. Tevens zal ze van nut zijn voor een eventuele heruitgave van De Trein der Traagheid,

De abstracties, stilering en metafysische inslag van het werk krijgt zo eindelijk zijn realistische uitwerking, ademruimte, verwerking en armslag, die de volgende publicatie ten goede zal komen.

Ik stel dan ook graag Afkikker ter beschikking voor de voorstelling van deze nieuwe publicaties en filmverhaal.

Zoals u hier op de foto ziet heb ik het nummer van het artillerieregiment van René De Vuyst teruggevonden 32 in een blikken doos, de koperen cijfers van het legerkostuum heeft hij bewaard, evenals zijn helm. De knopen van zijn kostuum heeft hij eveneens bewaard met verschillende schapulieren. De teerlingen…zijn een vraagteken.Bovenkant formulier

nr 32 van het 32ste artillerie regiment   32 A

https://18daagseveldtocht.be/artillerie/versterkings-en-opleidingstroepen/32ste-regiment-artillerie/

Groot was mijn verwondering, ik las verder…

10 mei….op 17 mei sprongen de tranen zo uit mijn ogen:

We volgen de weg van het 32ste artillerie regiment.

Instructiebatterij van II/32A met miliciens van de klas ’40 bestemd voor 2A. Tussen deze groep bevindt zich tevens Soldaat Verbraecken. (foto Reinhilde Olbrechts

Op 29 februari 1940 werden ze opgeroepen voor de klas van ’40, er werd gestart met schietoefeningen met karabijnen en oefeningen te voet en manipulaties van het kanon. Iedereen moest leren paardrijden, wat voor René De Vuyst geen probleem kon zijn, aangezien ze thuis een paard hadden. Er waren een 300-tal paarden beschikbaar, deze werden afgehaald in het station van Brugge. René De Vuyst was opgeroepen op 31 maart 1940, en bevond zich met Maurice De Schoenmaeker, Van Loon en Blancquaert eveneens in de Karthuizerskazerne.

De Karthuizerkazerne te Brugge, vredestijdkazerne van 13A, mobilisatiekazerne voor 32A.

 

Gezien de mobilisatie bleef duren werd een gestructureerde oplossing gevonden voor de opleiding van de dienstplichtigen behorende tot de 1ste helft van de lichting ’40.

Het 32ste Regiment Artillerie – 32A komt onder rechtstreeks bevel te staan van de Generale Staf van de Versterkings- en Opleidingstroepen. Belangrijk is ook de Franse vertaling: Etat-major des Troupes de Renforts et d’Instruction – EM/TRI, dit omwille van de afkortingen.

Het nieuwe regiment wordt gemobiliseerd in de Karthuizerkazerne te Brugge. De Bevelhebber is Kolonel Duquesnoy.

 

Het verloop van 32A is als volgt: zowel Van Loon, Maurice De Schoenmaeker, Blancquaert als René De Vuyst hebben dezelfde weg afgelegd naar de Midi en terug, te voet, per trein en andere voertuigen.

nr 32 van het 32ste artillerie regiment   32 A

https://18daagseveldtocht.be/artillerie/versterkings-en-opleidingstroepen/32ste-regiment-artillerie/

Groot was mijn verwondering, ik las verder…

10 mei….op 17 mei sprongen de tranen zo uit mijn ogen:

We volgen de weg van het 32ste artillerie regiment.

Instructiebatterij van II/32A met miliciens van de klas ’40 bestemd voor 2A. Tussen deze groep bevindt zich tevens Soldaat Verbraecken. (foto Reinhilde Olbrechts)

Op 29 februari 1940 werden ze opgeroepen voor de klas van ’40, er werd gestart met schietoefeningen met karabijnen en oefeningen te voet en manipulaties van het kanon. Iedereen moest leren paardrijden, wat voor René De Vuyst geen probleem kon zijn, aangezien ze thuis een paard hadden. Er waren een 300-tal paarden beschikbaar, deze werden afgehaald in het station van Brugge. René De Vuyst was opgeroepen op 31 maart 1940, en bevond zich met Maurice De Schoenmaeker, Van Loon en Blancquaert eveneens in de Karthuizerskazerne.

De Karthuizerkazerne te Brugge, vredestijdkazerne van 13A, mobilisatiekazerne voor 32A.

 

Gezien de mobilisatie bleef duren werd een gestructureerde oplossing gevonden voor de opleiding van de dienstplichtigen behorende tot de 1ste helft van de lichting ’40.

Het 32ste Regiment Artillerie – 32A komt onder rechtstreeks bevel te staan van de Generale Staf van de Versterkings- en Opleidingstroepen. Belangrijk is ook de Franse vertaling: Etat-major des Troupes de Renforts et d’Instruction – EM/TRI, dit omwille van de afkortingen.

Het nieuwe regiment wordt gemobiliseerd in de Karthuizerkazerne te Brugge. De Bevelhebber is Kolonel Duquesnoy.

Om 6u wordt algemene mobilisatie afgekondigd naar aanleiding van de Duitse inval in België. Hierdoor worden ook de reservisten opgeroepen om de batterijen te versterken.

De EM/TRI geeft het bevel uit te wijken naar oorlogskantonnementen van Oost- en West-Vlaanderen. Het was de bedoeling of daar hun opleiding in alle rust verder te zetten.

Men vreest reeds dat de reguliere kazernes gebombardeerd zullen worden door de Duitse Luchtmacht.

Bijgevolg verlaten de artilleristen de kazerne van Brugge om zich in Beernem te installeren.

Door de snelle opmars van de Duitsers wordt het voor het Groot Hoofdkwartier GHK, snel duidelijk dat België niet meer veilig is en de opleiding enkel in Frankrijk achter de linies kan gebeuren.

De EM/TRI geeft om 14 u het bevel om zich klaar te maken voor de verplaatsing naar Frankrijk.

Deze verplaatsing is echter niet voorbereid, er zijn geen afspraken  met de Franse militaire noch burgerlijke overheid. Er zijn geen verkenningen verricht en er is slechts proviand voor 2 dagen. Daarenboven moet de Staf/32A zelf vervoer per spoor regelen door de Franse treinen van de SNCF te gebruiken. Het bevel komt echter geen dag te vroeg, aangezien de Duitsers om 16 u de Maas al oversteken en hun opmars naar de Atlantische kust hebben ingezet.

Om deEM/TRI te verlichten werd het Versterkings- en Opleidingscentrum Artillerie (VOC/Aie) te Beernem opgericht en komt 32A onder het bevel van de VOC/Aie.

De regimentscommandant van het 32A is Kolonel Duquesnoy, hij zal het bevel voeren over het VOC/Aie. Het bevel van 32A wordt overgenomen door Luitenant-kolonel Scohy.

De artillerie van het veldleger heeft tijdens de eerste 4 dagen van de veldtocht al belangrijke verliezen geleden waardoor er dringend moet hervormd worden en oudere reservisten moeten worden aangesproken om de tekorten aan te vullen. Het nieuwe Regiment, VOC/Aie Detachement Frankrijk komt onder het bevel van Luitenant-Kolonel De Bueger.

Het zal blijken dat er alleen interesse is in batterijen die over 105 mm L kanonnen en 155 mm M&è houwitsers beschikken. Er is een algemeen tekort aan uitrusting en wapens.

Kolonel Duquesnoy krijgt bevestiging dat terwijl zijn staf en de herbewapende versterkingsbatterijen in ons land zullen blijven, het Regiment Instructie zich klaar moet maken voor de aftocht naar Zuid-Frankrijk. De schoolbatterij van 32A wordt ontbonden.

Het 32A wordt nu opgesplitst in 2 groepen: detachement Vlaanderen en detachement Frankrijk.
De instructiebatterijen met de rekruten van de klas ’40 van het 32A worden definitief ontdaan van hun geschut en bewapening. Elke batterij mag slechts 30 geweren en 3.000 patronen behouden. Deze batterijen worden klaargemaakt voor evacuatie naar Frankrijk. De manschappen worden met hun beperkte bewapening en het nodige lesmateriaal op de trein gezet richting zuiden om daar hun opleiding in het departement van de Aude te vervolmaken.

De Groepering Instructie/32A bestaat uit de rekruten van 1/I/32A, 2/I/32A, 3/I/32A, 4/I/32A, 1/II/32A, 2/II/32A, 3/II/32A en 1/III/32A, samen goed voor 2.000 manschappen. Zij zullen met twee treinen naar Limoux reizen, de eerste trein heeft de Lt Dubois als treincommandant, de tweede trein wordt bevolen door Lt Freedman.

Vanaf nu volgen we luitenant Arthur Freedman, de batterijcommandant van 1/I/32A. De rekruten vertrekken uit Beernem tijdens de nacht van 15 op 16 mei en overnachten in het park van Beernem.

De 4 manschappen die we volgen: De Schoenmaeker, Van Loon, Blancqaert en De Vuyst volgen dezelfde route met de tweede trein.

Volgende nota volledig overgenomen van het internet:

  • Detachement Freedman
    Na middernacht kunnen de manschappen, waaronder Sdt René De Vuyst, instijgen in de trein die hen naar het zuiden van Frankrijk zal brengen. Het treinstel bestaat uit passagiersrijtuigen en verlaat het station van Beernem om 03u30. De trein spoort op 16 mei via Brugge, Torhout, Lichtervelde, Roeselare tot Rumbeke.

Van Loon schrijft: donderdag 16 mei: Bij het krieken van de dag worden we in een trein gestopt en gaat het over Brugge, Torhout, Lichtervelde, Roeselaere tot in Rumbeke.

Militairen van het 32A te Brugge in het voorjaar van 1940

Groepering Instructie/32A in Frankrijk (letterlijk)

  • Detachement Freedman
    In de ochtend van 17 mei passeert de trein Ingelmunster waar halt gehouden wordt omwille van vijandelijke luchtaanvallen. Het treinstel van Luitenant Freedman verlaat Ingelmunster en rijdt via Lendelede, Heule, Kortrijk, Marke, Lauwe en Moeskroen richting Franse grens. Na passage te Tourcoing bereiken de militairen Hazebrouck.

Bij Van loon en Blancquaert vinden we dezelfde route

Op 18 mei bereikt Luitenant Freedman en zijn militairen Boulogne-sur-Mer. Hier volgt een oponthoud dat tot ’s anderendaags zal duren, ze overnachten in kampen.

Manoeuvre van de trein van Lt Freedman ten zuiden van de Somme op 19 en 20 mei 1940

Het treinstel van Lt Freedman steekt de Somme over te Abbeville. De route naar het zuiden ligt nu helemaal open en het detachement lijkt aan de Duitse omsingeling te zijn ontsnapt. Helaas wordt de trein door Franse verkeersregelaars (per vergissing) langs de zuidelijke oever van de Somme naar het oosten afgeleid richting Amiens [7]. Deze beslissing van de Franse verkeersregelaars leidt het detachement pal in de richting van de Duitse opmars naar de Atlantische kust. Het treinstel komt vast te zitten achter de trein van het Iste Bataljon Instructie van het 52ste Linieregiment (I/52Li) in het station van Pont-Rémy. Ook de spoorbundels te Amiens werden aangevallen door de Luftwaffe en moeten hersteld worden eer het treinverkeer weer mogelijk is.

De trein kan ter ternauwernood rechtsomkeer maken naar Abbeville en slaagt er in de stad ’s morgens nog te passeren. Vanaf 09u00 start de Luftwaffe met een onafgebroken bombardement van Abbeville, vanaf 11u00 wordt ook het station gebombardeerd en is er geen doorkomen meer aan. Eens voorbij Abbeville gaat het via Cahon, Quesnoy-le-Montant en Eu richting Dieppe [8]. Tussen Quesnoy-le-Montant en Eu volgt de trein van Lt Freedman het treinstel van II/51Li en worden ze gevolgd door een trein van de wervingsreserve. Net voor Eu worden de treinstellen gebombardeerd hetgeen een oponthoud van drie uur veroorzaakt. Het detachement van Lt Freedman is door het oog van de naald gekropen want tijdens de nacht van 20 op 21 mei bereikt de Duitse voorhoede het stadje Noyelle-sur-Mer aan de Atlantische kust. Hierdoor wordt de terugtochtweg voor heel wat Belgische eenheden die op weg zijn naar het zuiden van Frankrijk definitief afgesloten.

Van Loon spreekt over dezelfde problemen: 3 treinen achter elkaar, wij zitten in de 2de. De trein voor ons had piotten geladen, deze achter ons mannen van 16 tot 35 jaar. 31 Duitse vliegtuigen mitrailleren de treinen, 3 piotten dood.

Duitse opmars tussen 16 en 20 mei. In de nacht van 20 op 21 mei wordt de Franse kust bereikt.

Vanuit Dieppe rijdt de trein van Luitenant Freedman via Aufflay, Elboeuf, Orival en Glos-sur-Risle naar Serquigny.

 

Luitenant Freedman en zijn militairen trekken verder en passeren Argentan, Le Mans, Sablé-sur-Sarthe, Tiercé, Ecouflant, Angers, Ingrandes, Oudon, Mauves, Nantes, Vertou, Clisson, La Roche-sur-Yon en Luçon om aan te komen te Saintes

De voorlaatste etappe leidt het treinstel van Saintes via Bordeaux, Lamothe-Canéjan, Morcenx, Dax, Minbaste, Puyoô, Pau, St-Pé-de-Bigorre, Lourdes, Tarbes en Lannemezan naar Toulouse.

Alle soldaten die we volgen komen op 23 mei 1940 aan in Lourdes, wat hen een goed teken zal gegeven hebben. Van Hoof vermeldt nog het uur: 13.30 u

De groepen komen aan te Limoux en worden toegewezen aan hun kantonnementen. De eenheden liggen verspreid over een zone van zo’n 10 kilometer. Omdat de bevelhebber van 32A Luitenant-kolonel Scohy niet in Frankrijk is geraakt wordt Kapitein-commandant Willy Tollenaere als korpschef ad interim van de Groepering Instructie/32A aangewezen. De toestand van de manschappen is vrij benard en vooral de ravitaillering van de troepen is een ernstig probleem.

Van Hoof vermeldt aankomst in Limoux  5 u, wat volledig overeenkomt met de informatie van het internet.
Het treinstel van Luitenant Freedman passeert Carcassonne in de vroege ochtend en komt na een treinreis van 193 uur te Limoux aan rond 05u00.

De manschappen stappen uit in Limoux en marcheren te voet naar Cépie waar ze zullen kantonneren.

Van Hoof vermeldt eveneens de voettocht van Limoux naar Cépie, 5 km. Alle 4 de soldaten die we volgen verblijven in Cépie.

De militairen van het I/32A worden verspreid over de dorpen Cépie, Alaigne, Preixan en Cambieure. Luitenant Freedman verblijft bij baron de la Tour te Cépie. Eens de eenheden van het regiment geïnstalleerd zijn, tracht men de dagelijkse routine van karweien en lessen te hervatten in de hoop op die manier ooit weer eens een volwaardig artillerieregiment te vormen.

Het Belgische leger capituleert in Vlaanderen. De Belgische regering in ballingschap in Frankrijk beslist dat de Belgische eenheden, die zich niet in de zone van ons veldleger in Vlaanderen bevonden op 28 mei, buiten het capitulatieakkoord blijven. Ze zullen onder bevel van de Minister van Landsverdediging, Luitenant-generaal Denis, de strijd voortzetten aan de zijde van de geallieerden. De Groepering Instructie 32A in Frankrijk bestaat nog steeds uit volgende batterijen: 1/I/32A, 2/I/32A, 3/I/32A, 4/I/32A, 1/II/32A, 2/II/32A, 3/II/32A en 1/III/32A die gestationeerd zullen worden te Alaigne, Cépie, Cambieure en Lauraguel (Aude), vier dorpen ten noorden van Limoux

Groepering Instructie/32A in Frankrijk
De EM/TRI onder bevel van Luitenant-generaal Wibier, is ingegaan op een Frans verzoek om 10.000 militairen te leveren voor het uitvoeren van veldwerken ten voordele van de Franse divisies opgesteld in tweede echelon langs de Seine, in Parijs en langs de Marne. In eerste instantie worden de Bataljons Versterking aangeduid voor deze opdracht teneinde de opleiding van de jonge rekruten niet te onderbreken. Aangezien de Groepering Instructie/32A niet over Batterijen Versterking beschikt moet het 32A initieel geen werkbataljons leveren.

Op 6 juni bevestigen de Fransen hun vraag om nog eens 20.000 militairen extra te leveren om veldwerken uit te voeren, 16.000 aan te duiden door de EM/TRI die zich nu genoodzaakt ziet om ook de Bataljons Instructie met deze opdracht te gelasten. Het VOC/Aie krijgt nu wel de opdracht om werkbataljons op te richten die naar de Franse frontlinie gestuurd zullen worden. De Groepering Instructie/32A moet twee werkbataljons, I/32A en II/32A, van ongeveer 840 man oprichten. Deze werkbataljons bestaan uit vier compagnies van elk ongeveer 200 man en zullen vanuit Limoux naar het Frans-Duitse front in het noorden gestuurd worden, waar ze opdrachten zullen uitvoeren ten behoeve van het Franse leger. De compagnies zullen een beperkte bewapening meekrijgen en hebben elk slechts één peloton dat met geweren en 60 patronen per militair uitgerust wordt.

Het werkbataljon samengesteld door I/32A staat onder bevel van Kapitein-commandant Roze, tijdens de oorlog nog overgekomen van het 14A. De manschappen voor dit bataljon worden geput uit de vier batterijen instructie van de Iste Groep en de 1ste Batterij Instructie van de IIIde Groep die omgevormd worden tot vier compagnies. De uiteindelijke slagorde van het werkbataljon samengesteld door I/32A (1BnTA) ziet er als volgt uit:

  • Staf/I/32A: Cdt Roze (bataljonscommandant)
  • 1Cie/I/32A: Lt Res Gaston Cools
  • 2Cie/I/32A: Lt Res De Porre
  • 3Cie/I/32A: Lt Res Hoornaert

De initiële bestemming van I/32A is Troyes in het Departement van de Aude. De compagnies stappen op 7 juni in het station van Cépie op de trein en vertrekken tijdens de nacht van 7 op 8 juni naar het noorden De reis verloopt in goederenwagons zonder enig comfort voor de militairen

De treinreis van I/32A verloopt op 8 juni van Cépie over Carcassonne, Castelnaudary en Toulouse naar Cahors.

De soldaten die we volgen, De Schoenmaeker, Van Loon, De Vuyst en Blancquaert zijn alle 4 vanuit Cépie naar het front vertrokken: Troyes.

 

 

I/32A
Het bataljon van Cdt Roze reist verder langs Brive-la-Gaillarde, Limoge, Châteauroux, Vierzon, Orléans, Etampes, Parijs en Meaux tot Château-Thierry langs de Marne. In Château-Thierry moeten de manschappen wachten in de trein op een opdracht. Het Franse leger lijkt de Belgen te willen inzetten voor het aanleggen van veldversterkingen op de Marne. Op 9 juni zullen de Duitsers echter het Franse front in de Champagne-streek doorbreken zodat een nieuwe terugtocht zich opdringt. De Belgen brengen de nacht van 9 op 10 juni door te Château-Thierry maar houden zich klaar voor een nieuwe verplaatsing per trein.

I/32A in
Het I/32A verlaat in de ochtend Château-Thierry en spoort een veertigtal kilometer naar het zuiden via Longueville tot aan de vallei van de Seine waar ze te Romilly-sur-Seine uitstappen. De manschappen krijgen welgeteld twee uur de tijd om naar voedsel op zoek te gaan aangezien de Franse overheden het bataljon niet kunnen ravitailleren. Er wordt opnieuw gewacht in de trein.

Het blijkt dat onze soldaten bij de 1ste groep zijn: I/32A

Treinreis van I/32A op 09, 10 en 11 juni (projectie op recente kaart).

I/32A
Het treinstel van Cdt Roze verlaat Romilly-sur-Seine en volgt de vallei van de Seine tot Troyes maar wordt dan tot ieders verbazing weer naar de Marne gedirigeerd. De manschappen bereiken Vitry-le-François en stijgen hier eindelijk uit. De hongerige en dorstige militairen behelpen zich aan voedsel, geld en gebruiksvoorwerpen in een treinstel op een aanpalend spoor, wat tot een incident leidt met de Franse gendarmerie. Een Belgische soldaat met een achtergelaten portefeuille in de hand wordt opgepakt en afgevoerd. Het lot van de man is onbekend. Om 21u00 vertrekt de trein uit Vitry om nu koers te zetten naar de vallei van de Aube. De compagnies zullen tijdens de nacht van 11 op 12 juni, na een treinreis van 102 uur, afstappen te Creney-près-Troyes en worden gelegerd te Villechétif ten westen van Troyes. Het bataljon heeft eindelijk zijn initiële bestemming bereikt en wordt ingedeeld bij het Franse 4de Leger. De Belgen moeten er ten behoeve van de Franse troepen loopgrachten en steunpunten gaan aanleggen in de buurt van Troyes. Cdt Roze ontvangt echter geen gereedschap

I/32A
Het bataljon brengt de dag werkloos door en blijft wachten in Villechétif op concrete orders. Uiteindelijk wordt de nacht van 12 op 13 mei nog in deze stad doorgebracht.

Reisweg gevolgd door de 1Cie van I/32A van 13 mei 21u00 tot 15 mei

I/32A
De Fransen kunnen de Duitse opmars niet meer stuiten en de werkbataljons moeten zich terugtrekken. Het I/32A nabij Troyes krijgt ’s avonds het bevel om in kleine groepjes te voet of per fiets te vluchten richting Avallon en daar opnieuw te verzamelen bij het station. Tijdens de nacht van 13 op 14 juni wordt Troyes zwaar gebombardeerd. Zo’n 350 manschappen slagen erin om op 15 juni samen te komen aan het station van Avallon waar Cdt Roze op hen wacht. Om het uur vertrekt een trein uit Avallon richting zuiden. Het detachement wacht nog tot 19u30 op achterblijvers en stapt dan op een trein naar het zuiden. Sommigen slagen er niet in het station van Avallon te bereiken en worden door de Duitsers gevangen genomen en naar België afgevoerd. Anderen duiken onder en slagen er in om op eigen kracht ons land te bereiken door zich in de chaos te mengen met terugkerende gevluchte Belgische burgers. Anderen vluchten dan weer in kleine groepjes naar het zuiden door op voertuigen te springen van burgers of zelfs per fiets doorheen het Centraal Massief te trekken. De meesten komen onderweg terecht in Montpellier waar de EM/TRI een opvangcentrum heeft ingericht in een boomkwekerij ‘Les pépinières Richter’. Enkel indien ze via dit opvangcentrum passeerden konden ze gratis gebruik maken van de Franse treinen

Onze soldaten vertrekken om 23.30 u te voet vanuit Villechétif in groepen van 20 man naar Avallon over Tonnerre. Dit komt overeen met de groep van luitenant Cools. Het wachtwoord van ‘Camille’. Ze zaten dus bij de 1ste groep. 1/I/32A

1/I/32A
Lt Cools besluit met zijn compagnie te voet terug te keren en vertrekt nog dezelfde nacht uit Villechétif. De compagnie marcheert gedurende de ganse nacht en de daaropvolgende dag via Chaource tot Tonnerre waar na een mars van 58 km de nacht van 14 op 15 juni wordt doorgebracht. Op 15 mei wordt de mars voortgezet van Tonnerre naar Nitry, Joux-la-Ville en Lucy-le-Bois waar ze nog het pad kruisen van Cdt Roze die een stafvoertuig van het Franse leger wist te bemachtigen. Het detachement van Lt Cools bereikt na een nieuwe mars van 48 km de stad Avallon maar mist daar het vertrek van de laatste trein. Hij beslist dan maar met zijn compagnie een kantonnement op te zoeken in een bos nabij Menades ten zuidwesten van Avallon om er de nacht van 15 op 16 juni door te brengen. Hier wordt hij op 17 juni samen met zijn compagnie gevangen genomen door de Duitsers.

3/I/32A
De compagnie onder leiding van Luitenant Hoornaert, bijgestaan door zijn adjunct Onderluitenant Dombrecht en Adjudant Martens, volgt een gelijkaardig traject en bereikt na een tweedaagse voetmars via Tonnerre, Nitry en Lucy-le-Bois het station van Avallon in de late namiddag van 15 mei

Onze soldaten die in groepjes van 20 te voet naar Avallon vertrokken, hebben er 2 dagen over gedaan en ‘s avonds met een goederentrein  Avallon bereikt op 15 juni. Ze waren gans uiteengeslagen.

Te voet naar Avallon

II/32A in Frankrijk

  • 4/II/32A   Te vernoemen waard!
    De compagnie verlaat Troyes op 15 juni en zet zijn voettocht verder richting Châtillon-sur-Seine. Om 18u30 komen ze toe in Bar-sur-Seine waar eventjes halt gehouden wordt. De stad is reeds ontruimd en er bevinden zich geen treinen meer in het station. Om 21u00 marcheert de compagnie verder om tegen 04u15 Châtillon te bereiken en er de nacht door te brengen. De compagnie heeft 70 kilometer gemarcheerd van het station van Troyes tot Châtillon zonder nachtrust

1/I/32A
De 1Cie weet te ontsnappen aan de vijand maar heeft een lastige treinreis voor de boeg. Uiteindelijk komen ze, na een treinreis van 215 uur, op 24 juni toe in Limoux. Op 16 juni wordt het traject Autun, Le Creusot, Montceau-les-Mines en Paray le Monial afgelegd. Op 17 juni gaat het tot Roanne om op 18 juni terug naar het noorden te gaan om via Saint-Germain-des-Fossés en Vichy naar Clermont-Ferrand te sporen waar ze op 19 juni toekomen. De volgende dag gaat het verder via Brioude, Châpeauroux, Lagogne, Alès en Quissac om op 22 juni in Montpellier toe te komen. Van Montpellier doen ze er nog twee dagen over om naar Limoux te gaan.

Saint Germain des Fosses- Vichy

Instructie/32A
Het uitsturen van de werkbataljons was slecht voorbereid en de uitvoering van de opdracht liep volledig in het honderd. Het Franse leger was niet in staat de Duitse stormloop te stuiten en al snel moesten de werkbataljons teruggestuurd worden. Daarenboven wordt op 17 juni de Franse capitulatie aangekondigd. De terugkeer van de werkbataljons van 32A naar Limoux verloopt niet van een leien dakje. Een groot gedeelte van de manschappen wordt gevangen genomen en de rest keert in kleine groepjes terug. Cdt Deweerdt slaagt erin met de helft van de manschappen van het werkbataljon van II/32A terug te keren naar Limoux

Instructie/32A
Met de ondertekening van de Franse capitulatie in Compiègne op 22 juni wordt het duidelijk dat de rol van de VOC’s in Frankrijk is uitgespeeld. Het VOC/Aie bevindt zich in het niet bezet stuk van Frankrijk en valt onder de Vichy regering. Er zijn niet direct plannen om Frankrijk te verlaten en uit te wijken naar een uitvalsbasis van waaruit de strijd kan worden verdergezet. De Vichy regering zal dit zeker niet aanmoedigen en eerder beslag leggen op het aanwezige militair materieel zoals dit met de Duitsers was overeengekomen.

Door het groot aantal verliezen bij de werkbataljons dringt een reorganisatie van de VOC’s zich op. Op 22 juni wordt door de Generale Staf van de Versterkings- en Opleidingstroepen (EM/TRI) het bevel uitgevaardigd om nieuwe regimenten samen te stellen met de rekruten van de Instructieregimenten, de wederopgeroepenen van de Versterkingseenheden aangevuld met elementen van het veldleger die aan Duitse gevangenschap wisten te ontsnappen. Het VOC/Aie beslist om de groeperingen instructie van alle regimenten te laten opgaan in het nieuw opgerichte Versterkings- en Opleidingsregiment Artillerie onder leiding van Majoor Hardenne van 6LA. Dit nieuwe regiment omvat twee groepen, een instructiegroep en een versterkingsgroep. Alle nog overblijvende batterijen veldartillerie en stafelementen van 31A, 32A, 33A, 34A en 6LA worden in dit regiment ondergebracht en de regimentsstaf installeert zich in Pomas (Aude)

Nota: We weten nu dat Daisne bij 6LA was ondergebracht, dus ook onder Major Hardenne. De soldaten zijn ook vanaf 22 juni onder Majoor Hardenne samengebracht. Op 24 juni zijn ze allen in Limoux. Het klopt dat Daisne in het kasteel van Pomas verbleef.

Kasteel Pomas

Instructie/32A
Met grote vreugde wordt het detachement van Lt Hoornaert onthaald in Cépie. Men had er niet meer op gerekend om de 350 manschappen die in Avallon op de trein zijn gestapt nog terug te zien. Prompt mag het detachement door de straten van Cépie defileren. Lt Hoornaert, OLt Dombrecht en Adjt Martens krijgen een eervolle vermelding op het dagorder van het 32A. De Groepering Instructie 32A kan nu de finale balans opmaken van het uitsturen van zijn twee werkbataljons naar het noorden. Uiteindelijk bereikte slechts 750 van de uitgestuurde 1.680 manschappen Limoux en er werden ook verliezen geleden.

17 dagen rust in de kantonnementen, maar gebrek aan voedsel,  hygiene en werk met het verlangen naar huis waren dit geen vakantiedagen. Vanaf 24 juni tot 27 augustus verblijft Van Hoof op 4 verschillende plaatsen: Cépie, Preixan, Alaigne en Belvèze de Razès, daarna wordt hij krijgsgevangen genomen op 6 plaatsen en is tenslotte naar huis gekeerd en een gedetailleerd verslag geschreven.

Hij schrijft naar René De Vuyst op 28.10.1988

Naar Frankrijk van donderdag 16 mei tot vrijdag 24 mei, 193 uren trein

Naar het front van zaterdag 8 juni tot woensdag 12 juni, 102 uren trein

Naar het Zuiden van zaterdag 15 juni tot maandag 24 juni, 215 uren trein

Publicaties Afkikker/Klimop              

Boeken Books

Lacy made me a poet! My poetry was a directly response to his music.

Finally just before his death he gave me green light to publish his solo concert in Afkikker in a book Bone which I wrote together with Olivier Braet.  The cd called Mother Goose solo@ afkikker.  By the sequence of the songs Lacy projecred on me the mother. This resonsability I accepted, and still I’m taken by the publication of a new book: ‘Mother Goose Sets the Tune’ by introduc!ng the baritone singer Artur Rozek to the oeuvre of Lacy.

  • Bone with CD Mother Goose solo@afkikker  interview Olivier Braet  bio Fernand Tanghe
  • Lumen   pdf lumen Beckett Makes Sense! Read the Code! Met bijdrage van Walter Verraes en Rik Pinxten
  • De Tijd in de Diepte, gedichten
  • The Word is Coming In, poetry
  • The Quantum Jump rond de theorie van David Bohm
  • Wie Betaalt de Muze/ Who is paying the Muse
  • Hard van Steen rond het Hooghuys/Afkikker
  • Waar de Trein bleef stille staan, interpretatie van De Trein der Traagheid, een novelle van Johan Daisne
  • Mikhail Bezverkhni een overzicht
  • Experiment and Experience &bout the oeuvre of Steve Lacy
  • Poetry is Word in Action, poetry
  • The Book of Chaos

Film: De Trein der Traagheid, docudrama, Rita De Vuyst script, onderzoek en presentatie, Ivo Fisher, regie

  • Enrico Rava in Afkikker

Naked Music the label of Afkikker is the producer of Lacy’s farewell concerts to Europe in Belgium. As no one else had any interest in that project. Afkikker organized 2 farewell concerts. For the archive they are a treasure.

CD’s and DVD’s from Steve Lacy to order via Afkikker Ghent Belgium:

  • CD Blossoms, farewell music of Steve Lacy to Europe in Belgium, Ghent, Antwerp, Brussels 5 Cd’s of 5 concerts plus 1 DVD on Lacy’s birthday with dancer Shiro Daimon, this DVD is recorded by the public.steve lace blossoms
  • CD Blossoms, farewell music of Steve Lacy to Europe, compilation CD of the 5 concerts
  • CD Gravensteen 1971 concert in Gravensteen Gent, Steve Lacy Quintet, free period and very important, it was the first time Lacy played outside Paris with his group in an international Free Jazz Festival.
  • CD Homage to Steve Lacy played by Michail Bezverhny violin solo and duo. The compositions are Lacy’s studybook ‘P’, as therre was ‘H’
  • cd Misha 1
  • CD René De Vuyst Zingt Liederen Thuis, songs of my father.
  • http://users.skynet.be/bk231027/RDV/renedevuyst.htm
  • CD René De Vuyst Jongens van 18
  • René De Vuyst zingt liederen thuis
  • CD René De Vuyst De Nieuwsberichten van 1939
  • CD duo Steve Lacy en Evan Parker, recorded by the public but important as studymaterial. It was a very high valid concert which I organized in the chapel in Ghent, close to Afkikker
  • CD duo Steve Lacy en Irene Aebi, from album Blossoms
  • CD duo Steve Lacy en Joëlle Léandre, from album Blossoms
  • CD duo Steve Lacy en Mikhail Bezverkhni, from album Blossoms
  • CD duo Steve Lacy en Frederic Rzewski, from album Blossoms
  • CD Steve Lacy Sextet with Mal Waldron and Enrico Rava
  • DVD Steve Lacy and Irene Aebi in Afkikker 1999
  • ‘Bone’ with CD Steve Lacy solo@afkikker  edit Rita De Vuyst en Olivier Braet 30 € plus shipping  2002. CD mother goose solo@afkikker, Steve Lacy solo, with interview and about the concert 1971 and some poetry.
  • BOOKSbone lacy rita de vuyst
  • ‘Lumen’  pdf lumen Edit Rita De Vuyst, met bijdrage van Walter Verraes en Rik Pinxten
  • rita de vuyst lumen
  • ‘De Tijd in de Diepte’, gedichten Rita De Vuyst
  • rita de vuyst de tijd in de diepte
  • ‘The Word is Coming In’, poetry to Steve Lacy, Rita De Vuyst, 20€
  • rita de vuyst dedication to steve lacy
  •  ‘The Quantum Jump’, Rita De Vuyst, interpretatie van de theorie van David Bohm met CD van Christian Mendoza’s trio live in Afkikker 20 €
  • rita de vuyst quantum jump
  • ‘Wie Betaalt de Muze’, Rita De Vuyst,  over synchroniciteit en het informion, 20€
  • wie betaalt de muze rita de vuyst
  • ‘Hard van Steen’, over het belang van het Hooghuys in de Middeleeuwen, met foto’s van onze opgravingen en vondsten; waaronder een mortier, veel botten en scherven. Afkikker was het Gemeentehuis van het sint-Pietersdorp in de Middeleeuwen, de zuil in de kelder is van de 13de eeuw, dezelfde als deze van het Stadhuis van Gent.
  • FILM DE TREIN DER TRAAGHEID naar een novelle van Johan Daisne, dvd kan samen met het boek gekocht worden.
    Regisseur Ivo Fisher,  onderzoek Rita De Vuyst  muziek van Steve Lacy (saxofoon, composities), Mikhail Bezverkni (viool), René De Vuyst (zang)
  • de trein der traagheid film
  • Boek ‘Waar de trein bleef stille staan’, een essay over DE TREIN DER TRAAGHEID EN DE HEILSGELIEFDE van JOHAN  DAISNE, onderzoek en samenstelling Rita De Vuyst 2014
  • Al deze werken zijn uitgegeven met Sabam en ISBN nummer en zijn te koop in Afkikker/ Het Hooghuys of via internet. Betalen is mogelijk met paypal, bank of contant. info@afkikker.be 0032475313997.label ‘Naked Music”, uitgeverij Afkikker. 

Steve Lacy changed my life and gave me insight into the whole

Rita De Vuyst

Het kwaad is uit de kruik gebroken

De ganse aarde besmet

Er vliegen drones

Er dansen robots met humane neuronen

Geprogrammeerd naar de vijand toe

Een kinderschoen zit in de asse vast

Een moeder zoekt haar oudste zoon

Tevergeefs tussen de puinen aan het front

De aarde beeft

Temperaturen stijgen

Een verbrandingsoven van lijken

Er is geen troost

Capituleren….of maken we een eigen front

Een samenzwering van goede gedachten

Zou dit de mensheid kunnen helpen

Met de erfenis die onze voorouders hebben achtergelaten

Rita De Vuyst

misha en lacy5

Comments are closed.